Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 17: Bassano del Grappa – Madonna Di Campiglio (203 KM)   Leave a comment

Van de laatste zes etappes in de slotweek, worden er drie bestempeld als zware bergritten. Met aankomst  op de Madonna di Campiglio, Laghi di Cancano en Sestriere krijgen de renners een zware slotweek voorgeschoteld.

Rit 17 is een in het oog springende bergetappe in de Dolomieten.

BASSANA DEL GRAPPA

Vanuit de middeleeuwse stad Bassano del Grappa in de provincie Vicenza (regio Veneto) trekt het peloton zich op gang in een 5 sterren bergetappe met aankomst op de Madonna di Campiglio.

De stad in de provincie Trente (regio Trentino-Alto Adige/Südtirol) ligt aan de voet van de  Vicentijnse Vooralpen nabij de opening van het Valsugana. Dwars door de stad stroomt de rivier de Brenta waarover de monumentale Ponte Vecchio is gebouwd.

De streep is getrokken in het wintersportdorp Madonna di Campiglio aan de Strada Statale 239. Door de plaats stroomt de rivier de Sarca richting het zuiden naar het Lago di Garda. De rivier ontspringt uit het Adamello-Presanella gebergte in de Italiaans Alpen en mondt uit bij Nago-Torbole.

De belangrijkste economische activiteit in de plaats is het toerisme. De plaats ligt op 1.522 meter hoogte in de Dolomieten.  Een bergketen  die deel uitmaakt van de Zuidelijke Kalkalpen met steile rotswanden en pieken.

Het is bij toeristen wereldwijd bekend door het wintersportgebied. De diverse liften brengen de toeristen boven de 2.000 meter grens.

De kanshebbers die hoog in de rangschikking staan moeten alert blijven om geen tijd te verliezen dan wel het verlies zien te beperken.

Het peloton trekt in noordelijke richting door de regio Friuli-Venezia Giulia. Na het verlaten van Bassano del Grappa liggen er vier enorme beklimmingen op de renners te wachten.

FORCELLA VALBONA

De eerste is de Forcella Valbona (Passo Valbona) aan de Strada Provinciale 92. De klim naar de top op 1.776 meter is 25.4 kilometer lang. Het gemiddeld stijgingspercentage is 6,21%. Een zwarte piste tikt de 12,8% aan. Het hoogteverschil is 1.578 meter.

De tweede lastige klim voert naar het skigebied van Monte Bondone. De lengte van de klim is 21,5 kilometer naar de top op 1654 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 6,8%. Het hoogteverschil is 1.463 meter.

MONTE BONDONE

De derde beklimming is de Passo Durano. De lengte van de klim is 6,5 kilometer richting de top op 1.039 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 6,5%. Het steilste gedeelte tikt de 13,5% aan. Het hoogteverschil is 479 meter.

PASSO DURANO

Na het ronden van de Passo Durone gaat het richting de slotklim van de eerste categorie naar Madonna di Campiglio.

Op  17 kilometer voor de meet bereikt het peloton het dak van de etappe met de klim naar het skistation Madonna di Campiglio.  De top ligt op 1.715 meter, de lengte van de klim is 15,5 kilometer en kent een gemiddeld stijgingspercentage van 6,9 %. De eerste 10 kilometer van de klim gaan gelijkmatig omhoog. Het venijn zit in de staart met stukken van 12,8 %. Het aantal hoogtemeters wat overbrugd moet worden is 746 meter.

Er zal een serieuze schifting in het klassement plaatsvinden en de verschillen kunnen in de etappe naar Madonna di Campiglio behoorlijk groot zijn.

De winnaar van de rit zal stikdood zitten, maar zielsgelukkig op de hoogste trede van het podium staan.

MADONNA DI CAMPIGLIO

Posted 20 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 16: Udine – San Daniele del Friuli (229 km).   Leave a comment

Na de rustdag gaat de rit van start in Udine, hoofdstad van de gelijknamige provincie in de autonome regio Friuli-Venezia-Giulia. De stad ligt op de taalgrens tussen Friulanen, Italianen en anderzijds Slovenen.

UDINE

Udine bezit enkele mooie voorbeelden van architectuur uit de late renaissance, gebouwd door Andrea Palladio. Aan het centrale plein Piazza della Libertà ligt het gemeentehuis Loggia di Lionello uit het midden van de 16e eeuw. Er staan verscheidene oude kerken in de stad. In de Santa Maria della Purita bevinden zich 18e-eeuwse fresco’s van Giovanni Battista Tiepolo , leermeester van Anton Cebej.

De aankomstzone is na een lange etappe in San Daniele del Friuli. De gemeente is vooral bekend vanwege de productie van lucht gedroogde ham die wereldwijd wordt geëxporteerd.

Het peloton trekt in een 4 sterren rit met 4.000 hoogtemeters in noordelijke richting door de regio Friuli-Venezia Giulia. De rit in de heuvelzone wordt gekleurd met in totaal 6 hellingen. Het is een opeenvolging van heuvels en het gaat continu op en af. Met de Madonnia del Domm, Monte Spig, Monteaperta en de Monte di Ragogna (3x).

MADONNIA DEL DOMM

De hindernis van enige importantie ligt aan het begin van de rit de Madonnina del Domm. Vanaf Faedis is de klim 12.5 kilometer lang. De top ligt op 960 meter en het gemiddelde stijgingspercentage is 6.6 %. Het hoogteverschil is 790 meter.

Vroeg in de wedstrijd zal een kleine kopgroep proberen met een vrijgeleide uit het peloton te versnellen en de strijd aan te gaan.

Monte di Ragogna

De rit eindigt op een lokaal circuit met driemaal de passage van de Muur van Monte di Ragogna in de Karnische Alpen. De klim is 2.8 kilometer lang en voert naar de top op 494 meter Het gemiddeld stijgingspercentage is 10,4%.

Het zal een nerveuze en razendsnelle eindfase met een gedecimeerde groep maar met een hoge gemiddelde snelheid worden.

De Giro staat bekend om de immens zware slotweek met de vele beklimmingen. Sommige renners met ambitie zullen alles op alles moeten zetten om tijd te winnen op de leider in het klassement.

San Daniele del Friuli

Posted 19 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 15: Base Aerea Rivolto – Piancavallo (185 km).   Leave a comment

De 15e etappe start vanaf de militaire vliegbasis Rivolto in de provincie Udine (regio Friuli-Venezia-Giulia) ter ere van de zestigste verjaardag van de Frecce Tricolori, die tijdens de Giro van 2009 en 2014 vliegshows uitvoerden.

Base Aerea Rivolto

Na 185 kilometer en 4.500 hoogtemeters is de streep getrokken in het skiresort  Piancavallo – Pedemonte di Aviano in de provincie Pordenone met aankomst bergop.

Het peloton trekt in een 4 sterren rit in westelijke richting naar de uitlopers van de Dolomieten. De rit wordt gekleurd door in totaal 4 beklimmingen van de 2e categorie met als eerste hindernis de Sella Chianzutan (Comune di Verzeichnis) in de regio Friuli-Venezia Giulia.

Sella Chianzutan

De berg ligt in het uiterste noordoosten van Italia tegen de grens van Oostenrijk en Slovenië.

Het is een klim van 11,8 kilometer naar een hoogte van 955 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 5,5%. Het is een onregelmatige klim, waarbij steile gedeelten soms  worden afgewisseld met korte afdalingen. Het lastigste gedeelte bevindt zich halverwege de klim met een stijgingspercentage dat de 10% aantikt. Het hoogteverschil is 785 meter.

Na passage van de top van de Sella Chianzutan gaat het in een technische afdaling naar de gemeente Villa Santania (370 m.) aan het begin van de klim naar de Forcella Di Monte Rest.

Het is een klim van 14,7 kilometer naar een hoogte van 1.060 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 4,1%.  Het hoogteverschil is 608 meter.

Forcella Di Pala Barzana

Na de afdaling rijden de renners richting Poffabro in de gemeente Frisanco aan de voet van de Forcella Di Pala Barzana. De klim begint in het bergdorpje Maniago in de provincie Pordenone.

De lengte van de klim is 14.6 kilometer en voert naar de top op 840 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 3,8%. Het hoogte verschil is 564 meter.

Na de afdaling trekken de renners verder door de regio Friuli-Venezia Giulia voor ze in Aviano in de provincie Pordenone aan de slotklim beginnen.

PIANCAVALLO

De klim naar het skioord Piancavallo is vanaf Aviano 15,8 kilometer lang met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,9%. De eerste 6 kilometer van de klim is verreweg het lastigst. De weg slingert met een stijgingspercentage van 9,4% omhoog. Aan het eind van deze sector bevindt zich een strook met een zwarte piste die de 14% aantikt. Het hoogteverschil is 1.108 meter.

Daarna vlakt de berg richting de aankomstzone in Piancavallo wat af. In de laatste kilometer richting de streep is het nagenoeg vlak en leent zich uitstekend voor aanvallers. Niets om de klassementsmannen te verontrusten natuurlijk maar de toppers zullen wel ten allen tijde scherp en alert moeten blijven in deze omgeving.

Het is een ideale aankomst voor de renners met een krachtig eindschot om de diesels onder de klimmers pijn te doen.

PIANCAVALLO

Na twee weken koers komt de Giro voor de 2e rustdag meer in een beslissende fase. 

Posted 17 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 14: Conegliano – Valdobbiadene ( ITT – 34.1km)   Leave a comment

Op zaterdag wacht er voor de renners in de Proseco regio een 4 sterren tijdrit van 34.1 kilometer.

PROSECO AERA

Het startpodium van de tweede individuele tijdrit staat opgesteld in de stad Conegliano in de provincie Treviso  (regio Veneto).

De stad is een belangrijk agrarisch centrum aan de voet van de Trevisaanse Vooralpen. Door Conegliano stroomt het riviertje de Monticano dat in de heuvels ten noorden van de plaats ontspringt.

Conegliano

Samen met  Vittorio Veneto en Valdobbiane is het de productieplaats van de Proseco wijnen. Conegliano en Valdobbiadene staan sinds 2019 op de UNESCO- Werelserfgoedlijst.

De streep is getrokken in de gemeente Valdobbiadene in de provincie Treviso (regio Veneto). Het parcours in de regio Veneto is heuvelachtig.

Vanuit het vertrek gaat het in de eerste 6 kilometer over vrij vlakke wegen in de provincie Treviso. Gevolgd door de klim naar de Muro Di Ca’Del Poggio. Het is een korte en venijnige klim van 1,1 kilometer naar de top op 242 meter. Het gemiddelde stijgingspercentage is 12,2% met uitschieters die de 18 % aantikken.

Op de top van de Muro is het eerste meetpunt van de race tegen de chrono. Er zijn dan 7.2 kilometer afgelegd.

Pieve Di Soligno

Na de afdaling gaat het in een golvend verloop naar het tweede meetpunt de Pieve Di Soligno op een hoogte van 138 meter. Dit punt wordt bereikt na 17.1 kilometer van de rit.

Het derde meetpunt volgt op 25.1 kilometer op de Col San Martino. Daarna gaat het door een sector met vals plat gedurende 5.5 kilometer. Voordat er geklommen wordt naar het hoogste punt de San Pietro di Barbozza met de top op 323 meter.

Na het ronden van de top gaat het in een dalende lijn maar vlak voor de meet volgt er nog een kort oplopende strook met een stijgingspercentage van 5% op de Piazza Guglielmo Marconi.

Op de achtergrond doemen de Dolomieten op, maar meer dan een mooi decor zal het bergmassief niet vormen. De renners krijgen het in de regio Veneto niet cadeau. Er moet flink gestreden worden. Het kan een verrassende dag worden voor renners die hun positie in het klassement voor de slotweek nog trachten te verbeteren. Met daarbij als extra bonus de ritwinst in Valdobbiadene

Valdobbiadene

Posted 16 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 13: Cervia – Monselice ( 192 km)   Leave a comment

Vanuit de badplaats Cervia in de provincie Ravenna (regio Emilia Romagna) trekt de karavaan in noordelijke richting naar de stad Monselice in de provincie Padua (regio Veneto).

Cervia

Het is de voorlaatste vlakke rit in deze Giro. De kuststreek aan de Adriatische Zee is volkomen vlak. Het Salina di Cervia was ooit door de zoutwinning de economische levensader van de stad.

De streep is na 190 kilometer getrokken in de stad Monselice. In het noordelijke deel van Italië ter hoogte van de Euganische heuvels. Het is een overgangsetappe op weg naar de bergen en de vele hoogtemeters van een loodzware slotweek.

Het deels ommuurde historische centrum van Monselice ligt ten westen van het  Canale Bisatto. Het hart van de stad wordt gevormd door het Piazza Mazzini waar de robuuste Torre Civica uit het jaar 1244 staat.

Torre Civica

Andere belangrijke monumenten in het centrum zijn de oude kathedraal uit 1256, het middeleeuwse kasteel Ca’ Marcello en de kerk Santo Stefano uit de  16de eeuw.  

THE RUINS OF THE MONASTERY

Na het vertrek steekt het peloton de Povlakte over richting de Alpen. De eerste 150 kilometer van de overgangsetappe zijn vlak. Er kan rekening gehouden worden met een groep fuggitivi (flyers) die zich aansluiten bij de vlucht van de dag die tot het einde van de rit draagt.

via Rocollo

In de finale wachter er op 30 kilometer voor de meet twee venijnige hellingen waar zeker gaten zullen vallen en dus wordt het zeker oppassen. De twee klimmetjes kunnen de plannen van de sprinters wel eens goed in de war schoppen.

De renners klimmen op de Via Rocollo naar een hoogte van 358 meter. De lengte van de klim is 4,1 kilometer met een gemiddeld stijgingspercentage van 3,3%.  De laatste kilometer tikt een stijgingspercentage van 13% aan.

Na een korte afdaling komt de karavaan aan de voet van de laatste helling in de wijnstreek van Calone met de top op 229 meter. De lengte van de klim is 2.1 kilometer en kent een gemiddeld stijgingspercentage van 9,8%

Het zal een nerveuze en razendsnelle eindfase met een gedecimeerde groep maar wel met een hoge gemiddelde snelheid worden in de straten van Monselice.

Monselice

De eerste drie renners aan de finish locatie verdienen 10, 6 en 4 bonificatieseconden.

Posted 15 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 12: Cesenatico – Cesenatico (205 km)   Leave a comment

De etappe is een niet te onderschatten 4 sterren heuvelrit met start en aankomst in de badplaats Cesenatico in de provincie Forli-Cesena (regio Emilia Romagna). De gemeente aan de Adriatische kust ligt tussen Cervia en Rimini en beschikt over een strand en een jachthaven.

Cesenatico

De rit kent een heuvelachtig profiel en het gaat continu op en af. Vroeg in de wedstrijd zal een kleine kopgroep proberen uit het peloton te geraken voor de vlucht van de dag in de heuvelzone. De renners krijgen 3.800 hoogtemeters voor de wielen.

Het maakt verder niet uit wie er in de vroege vlucht zit als er maar niemand in de groep zit die gevaarlijk is voor het algemene klassement.

Het wordt nerveus, technisch en het wordt kleinoorlog in het achterland van Emilia Romagna. Het wordt een lange en stressvolle dag voor de meeste renners in de heuvelzone.

Madonna di Puglio

Het is een opeenvolging van heuvels, snelle afdalingen en oplopende wegen richting de finale met de Ciola, Barbatto, Perticarra, Madonna di Pugliano en de Passo del Sieppi. Die laatste twee beklimmingen liggen vlakbij het schiereiland San Marino, aan de oostelijke kant van de Apennijnen.

Op 30 kilometer voor de meet ligt nog een klimmetje naar San Giovanni in Galilea en na de afdaling is het parcours in de laatste 14 kilometer vlak richting de streep  in Cesenatico.

Cesenatico

De eerste drie renners aan de finish sprokkelen 10,6 en 4 bonificatiepunten voor het klassement.

Posted 14 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 11: Porto San’Elpidio – Rimini (182 km)   Leave a comment

Vanuit Porto San’Elpidio in de provincie Fermo (regio Marche) trekt de Giro-karavaan in een 2 sterrenrit met 1.200 hoogtemeters naar Rimini. De hoofdstad van de gelijknamige provincie in de regio Romagna. De mondaine badplaats behoort tot de Riviera Romagnola en is de belangrijkste toeristenplaats ter hoogte van het ministaatje San Marino.

Porto San’Elpidio

Vanuit de havenstad gaat het in noordelijke richting in een nagenoeg vlakke rit volgens het oude scenario met een kopgroep die de ruimte krijgt, een voorsprong opbouwt, met daarachter de gemotiveerde sprinterteams in een controlerende rol,

Geen lastige beklimmingen bergop in de finale maar wel een parcours op maat voor de sprinters eindigend in een massasprint. De grote namen zullen waarschijnlijk hun duivels aan het eind van de rit ontbinden.

PESARO

De rappe mannen kunnen zich na 106 kilometer testen in de stad Pesaro, de hoofdstad van de provincie Pesaro – Urbino (regio Marche) met een tussensprint voor de Maglia Azurra.

In de gemeente Coriano in de provincie Rimini volgt een tweede sprint voor het klassement van de Traguarda Volante.

Een reëel scenario is een omvangrijke vroege vlucht van punchers die om de ritzege zullen strijden tot aan de finishlijn.

Mogelijk dat een head- of crosswind nog een rol kan gaan spelen in de finale. Waaiers zullen wellicht uitblijven, maar verrassingen liggen natuurlijk altijd op de loer.

Het peloton zal met geslepen messen koersen op weg naar een nerveuze finale. De specialisten van dienst zullen hun teams aan het werk zetten in een spectaculaire finale die eindigt in de straten van Rimini.

RIMINI

De eerste drie renners aan de finish kunnen 10,6 en 4 bonificatiepunten bijschrijven voor het klassement.

Posted 13 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 10: Lanciano – Tortoreto Lido (212 km)   Leave a comment

Vanuit het centrum van het kleine stadje Lanciano in de provincie Cieti in zuidelijk centraal Italië trekt de karavaan naar de badplaats Tortoreto Lido in de provincie Teramo .

LANCIANO

Het parcours voert de karavaan in noordelijke richting langs de Adriatische Zee richting de heuvels van de regio Abruzzen.

De wegen zijn in de eerste helft van de rit nagenoeg vlak, daarna wordt het parcours in de laatste 50 kilometer lastig met een opeenvolging van korte steile klimmetjes in de heuvelzone.

In deze streek zijn heel wat punten voor de Maglia Azurra te scoren, maar daar zal in deze rit door Centraal Italië wel stevig voor gestreden moeten worden.

Vanuit de start volgt het parcours de kustlijn tot aan de gemeente Francavilla al Mare. Vanaf daar trekken de renners het binnenland in, richting de klim naar Chieti, de hoofdstad van de gelijknamige provincie.

CHIETI

Het stadje, ligt strategisch op een heuvel tussen de Adriatische Zee en het bergmassief van Majella. Het vormt de eerste hindernis van enige betekenis in deze etappe. De lengte van de klim is 6.6 kilometer naar de top op 330 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 3,6%. Het hoogteverschil is 235 meter.

Na het klimmetje gaat het peloton terug richting het kustgebied. Onderweg komen ze door Spoltore in de provincie Pescara. Dit dorpje vormde het hoogste punt van het roemruchte Pescara Circuit, met ruim 25 kilometer het langste circuit waar ooit een Formule 1-race plaatsvond. Daarna koerst het peloton verder richting het noorden.

Na 154,6 kilometer rijden de renners voor de eerste keer naar de klim van Tortoreto, een klein dorpje niet ver van de kust. De klim is kort maar steil, met uitschieters met een stijgingspercentage van 15 %. Vervolgens  rijdt de Giro-karavaan voor een eerste keer langs Tortoreto Lido op weg naar de meet in  Tortoreto.

Tortoreto – Lido

De finale is lastig, met ‘Muren’ als de Colonella, Controguerra (met stijgingspercentage van 20%) en nog tweemaal de klim bij Tortoreto. De klimmetjes volgen elkaar in hoog tempo op, wat het nog eens extra zwaar maakt. De streep is  getrokken op 6,5 kilometer na de laatste klim naar Tortoreto.

TORTORETO

De eerste drie renners aan de finish verdienen 10, 6 en 4 bonificatieseconden.

Posted 12 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 9: San Salvo – Roccaraso – Gargano (207 km)   Leave a comment

San Salvo in de provincie Chieti (regio Abruzzen), op enkele kilometers verwijderd van de Adriatische Zee, is de startplaats voor de 9e etappe van de Giro. Via de heuvels van de regio Abruzzen koersen de renners in een vier sterren bergrit met ruim 4.000 hoogtemeters in noordwestelijke richting.

SAN-SALVO

Na 207 kilometer eindigt de etappe in het skiresort Roccaraso in het middengebergte van de Apennijnen in de provincie L’Aquila (regio Abruzzen) in zuidelijk centraal Italië.

Er zijn al wat lastige ritten geweest maar dit wordt de eerste echte krachtproef van deze ronde. Tussen vertrek en aankomst liggen ruim 4.000 hoogtemeters.

De openingsfase is vlak langs de Adriatische kust. Maar na 40 kilometer draait de karavaan het binnenland in.  Het parcours gaat continu op en af op weg naar de Passo Lanciano van de eerste categorie.

De klim van de bergpas is 17.5 kilometer lang en voert naar de top op 1.306 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 6,9% en het hoogteverschil wat overbrugd wordt is 1.202 meter.

Passo de San Leonardo

Na het ronden van de top gaat het in een snelle en technische afdaling naar de voet van de Passo di San Leonardo van de eerste categorie. De klim van de bergpas is 20 kilometer lang en voert naar de top op 1.282 meter. Het gemiddeld stijgingspercentage is 6,9% en het hoogteverschil is 373 meter.

Na een korte afdaling gaat het naar de Bosco di Sant’Antonio met de top op 1.337 meter in het Parco Nazionale della Majella. Het is een klim van 9,1 kilometer met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,1%. Het hoogteverschil is 649 meter.

Bosco di Sant’Antonio

Na het ronden van de top gaat het in een dalende lijn richting Roccaraso

Maar onderweg wacht toch nog een bergopdracht. In 10 kilometer loopt de weg omhoog met 5,7% naar de streep op 1.658 meter hoogte. De laatste 2 kilometer loopt op met 7% en de slotkilometer tikt nog een stijgingspercentage van 12% aan.

ROCCARAZO

De eerste drie renners aan de finish verdienen 10,6 en 4  bonificatieseconden. Gelet op het mogelijk kleine verschil voor de rustdag onderling tussen de renners in de top van het klassement kunnen de bonificatieseconden die er zijn te verdienen zeer belangrijk zijn.

Posted 10 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws

Giro d’Italia 2020 – Parcours rit 8: Giovinazzo – Vieste – Gargano (200 km)   Leave a comment

Vanuit Giovinazzo de grootste vissershaven in de provincie Bari in het zuidoosten van de laars trekt het peloton zich in gang  voor een 3 sterren heuvelrit met in de finale een kans voor de punchers..

Giovinazzo

De renners rijden richting de badplaats Vieste. Het parcours voert de karavaan grotendeels langs de Adriatische Zee in noordoostelijke richting door de regio Apulië

De van oorsprong Griekse plaats ligt op het oostelijkste puntje van het schiereiland Cargano. Het oude Vieste is gesitueerd op een smalle rotsrichel aan de Adriatische Zee. Aan het eind hiervan ligt het klooster San Francesco.

Basiliek Santuario di San Michele

Het middeleeuwse centrum van de plaats is goed bewaard gebleven. Het is een wirwar van smalle steegjes en kleine pleinen. De huizen staan hier dicht tegen elkaar aan gebouwd en zijn vaak alleen via trapjes te bereiken. De belangrijkste bouwwerken hier zijn de 11de-eeuwse kathedraal, het kasteel  dateert uit 1846 en het eerder genoemde klooster.

De wegen in het eerste gedeelte van de rit zijn nagenoeg vlak, daarna wordt het parcours met 2.000 hoogtemeters lastiger.

In de gemeente Manfredonia volgt er een sprint voor het klassement van de Traguardo Volante.

Na 108 kilometer afgelegd te hebben wacht de klim naar de gemeente Monte Sant’Angelo in de provincie Foggia (regio Apulië)

Monte Sant Angelo

In 8,7 kilometer voert de weg naar de 744 meter hoge Monte Sant Angelo, met een gemiddeld stijgingspercentage van 6,6%.

De gemeente is gelegen op het schiereiland Gargano. Het ligt hoog in de bergen met uitzicht over de Adriatische Zee. Monte Sant’Angelo is ontstaan bij het Santuario di San Michele.

Volgens overleveringen zou de aartsengel Michaël zich hier in de 5e eeuw enkele malen vertoond hebben. Monte Sant’Angelo behoort tot de bekendste bedevaartsoorden van Europa.

Na het ronden van de top gaat het heuvelafwaarts terug richting Mattinata. Het gaat continu op en af tot aan de voet van de Coppa Santa Tecla. De klim is minder lastig dan de klim naar Monte Sant’Angelo. maar loopt in de eerste 3 kilometer op met een stijgingspercentage van 6%. Vervolgens blijft de weg ruim 3 kilometer met vals plat doorlopen naar de top op 390 meter. De top ligt op 50 kilometer voor de meet in Vieste.

Vlak voor Vieste volgt er nog een lus van 13 kilometer door het achterland. Na de eerste doorkomst aan de meet volgt er een kort klimmetje op de Via Saragat die tweemaal overbrugd moet worden. De laatste keer is dat op 8 kilometer voor de streep.

Als het peloton in de finale bij elkaar blijft zullen de sprintersploegen het tempo bepalen en het commando gaan overnemen voor een gecontroleerde koers waarbij eerst de vroege vluchters in de finale worden ingelopen. Waarbij de rit eindigt in een massasprint in de straten van Vieste.

VIESTE

De eerste drie renners aan de finish kunnen 10, 6 en 4 bonificatieseconden bijschrijven op hun conto.

Posted 9 oktober 2020 by toncarnas in Nieuws